Van de politie en de sleepauto

Posted By Annibal
Categoirzed Under: Pirate Kitty's adventures
Comments (5)

We reden naar huis over de grote weg met de nieuwe Maxi Cosi achterin. Ik had de Tomtom al uitgezet, want als Den Haag eenmaal op de borden staat geloof ik het altijd wel. Ik zat alleen op een andere weg als ik gewend ben te nemen en ik kreeg de keuze uit Den Haag/Voorburg en Den Haag/Leidscheveen. Huh? Waar waren Rijswijk en Den Haag Zuid gebleven? Omdat ik in Voorburg aardig bekend ben koos ik voor richting Voorburg en reed al zoekende door. Al snel kwam ik weer op bekend terrein: de splitsing tussen de A12 en de A12. Naar Voorburg, óf naar Zoetermeer. Een druk punt waar altijd zo veel auto’s tegelijk in- en uitvoegen naar alle kanten dat ik het altijd net een dansje vind. Vlák voor ik me compleet naar links wil begeven gebeurt er iets raars. Het geluid alsof ik over ribbels in de weg rij, maar dan harder. Mijn stuur begint wat te trekken en mijn snelheid daalt. Ik weet het meteen: een lekke band. Ik doe mijn alarmlichten aan, stuur mezelf de vluchtstrook op en dank de goden of wie dan ook dat ik nog niet op de rijstrook richting Voorburg reed, helemaal links.

Het is niet extreem druk, maar het voorbijrazende verkeer geeft me toch de kriebels. Eruit! Ik vertel aan Stef dat we even uit de auto moeten, want onze band is lek. Dan moeten we even wachten, maar daarna wordt het heel leuk, want dan komen er allemaal mensen om ons te helpen en ik denk dat we zelfs met de sleepauto mee mogen! Ik klim naar de passagierskant van de auto (mijn bekken is not amused), stap de auto uit en pak mijn tas. De losse spullen, luiertas enzovoorts laat ik liggen, ik wil weg hier. Stef til ik uit de auto, geen haar op mijn hoofd die erover denkt hem ook maar een seconde zelf op de weg te laten staan. Deur dicht, met 18 kilo peuter op de arm de vangrail overklimmen. Voor een 33 weken zwangere vrouw met bekkeninstabiliteit en ischias vind ik het niet eens enórm oncharmant gaan. Ik kijk om me heen en oh glorie: enkele tientallen meters verder staat een praatpaal! Mijn mobiel kan ik natuurlijk ook gebruiken, maar met de praatpaal hoef ik waarschijnlijk niet heel erg uit te leggen waar ik ben.

Stef en ik lopen hand in hand naar de praatpaal en ik druk op de knop. De dame aan de andere kant neemt onze gegevens op, Stef wijst ondertussen voorbijrijdende auto’s aan. De mevrouw vraagt, heel netjes, of ik kinderen bij me heb. Ik vertel van mijn tweejarige én van mijn hoogzwangere buik. Er zal snel iemand komen.

“Ik hebt het koud mama.” zegt Stef nadat we het gesprek hebben afgerond. Hij zegt niets teveel inderdaad, we staan aardig op de tocht. Het hekje om de praatpaal heen biedt uitkomst. Ik zet hem erop, zijn gezicht naar me toe, trek hem tegen me aan en doe mijn armen om hem heen. Ik maak een mental note voor mijn future self: voor een volgende keer leg ik een dikke deken in de auto, en misschien ook wel Stef’s oude muts en wanten en vertel dit ook aan Stef, want die kan dingen soms verassend goed onthouden. “Mauw* heeft het ook héél koud!” vertelt mijn zoon me, dus stoppen we mauw lekker warm tussen ons in. Ik prijs mezelf gelukkig met een jongens-jongen, want we vermaken ons uitzonderlijk goed en het duurt niet lang voor Stef kraaiend en gillend de meest bijzondere voertuigen die ons passeren aanwijst. We zien van alles, van volle auto-opleggers tot gele auto’s die op de taxi uit Stef’s voorleesboek lijken. “de politie komt zo he, mama?” vraagt mijn kleine me. “ik denk het niet liefje, maar de wegenwacht komt zo wel en die is ook heel stoer.”

Nog geen vijf minuten later zien we twee motoren aankomen die de vluchtstrook oprijden en naast ons stoppen. Had Stef toch gelijk, met zijn politie-agenten. Stef kijkt vol verwondering hoe ze naar ons toelopen. De agenten begroeten ons en terwijl ik teruggroet roept een klein manneke met blosjes op zijn wangen “wij hebt het koud meneer!”

De agenten schermen de auto in de vluchtstrook af met hun zwaailichten (ik had het niet aangedurfd om de gevarendriehoek te pakken en neer te zetten) en de eerste agent legt uit dat de sleepwagen al onderweg is. We staan op een druk en gevaarlijk punt en we hebben goed gehandeld. De sleepauto zien we in de verte al aankomen als de agent nog iets wil zeggen, maar Stef onderbreekt hem en vertelt hem wat ik eerder zei: dat mama thuis een deken in de auto gaat leggen. De agent lacht; dat was exáct wat hij ons nog wilde zeggen. De meneer uit de sleepauto komt ondertussen aanlopen en de agenten nemen afscheid. Stef zwaait ze uit, terwijl ze zonder enkele moeite keihard optrekken en zich in het verkeer mengen. Ondertussen wordt onze auto al omhooggehesen door onze lift.

Wij mogen samen de lekker warme sleepauto in (een soort speeltuin voor gevorderden: met kind op de arm de vangrail terug over, kind in de hoge auto zetten, zelf de hoge opstap nemen) en we rijden naar het dichtstbijzijnde benzinestation, waar de meneer van de wegenwacht ons reservewiel monteert en (zo blijkt later) ook de bandenspanning van de overige banden op peil brengt. Wij zitten nog steeds lekker warm en hoog, Stef speelt met mijn telefoon. Ook van de sleepauto is hij onder de indruk en zijn glunderkoppie spreekt voor zich. Niet lang daarna wordt onze auto weer van de sleepwagen afgekoppeld en we zijn klaar om te gaan. Blij en dankbaar nemen we afscheid en een half uur later drinken we thuis thee om onszelf op te warmen en belt Stef met papa en oma, om van ons grote avontuur te vertellen.

Met dank aan de politie en de ANWB: we kwamen snel en veilig thuis én mijn kind had de dag van zijn leven! <3

*: Stef’s steun en toeverlaat, Poesje Mauw, de knuffel.

20121113-140618.jpg

20121113-140708.jpg

5 Responses to “Van de politie en de sleepauto”

  1. Mieke Says:

    Tjonge wat een avontuur weer! Wel leuk voor Stef gelukkig. ;) x

  2. meme Says:

    haha ik vertelde het gisteren aan Carlo, en zijn reactie was: Takelauto takelauto takelauto!

  3. Francis Says:

    Wauw, dat heb je kordaat gedaan zeg! Petje af hoor!

  4. Martien Says:

    Slik. Wát een avontuur! En wat ben jij een dappere, coole hoogzwangere mama! Mooi omschreven ook An, ik voelde helemaal met je mee.

  5. Martine Says:

    Martine was dat. Niks Martien.

Leave a Reply

?>