Dat was mijn examen-score! Dat ik één fout gemaakt had wist ik al; dat mijn zelfvertrouwen verder terecht was is fijn om te weten. Mijn docente, die wanneer zij geen lessen geeft secretaris is op mijn eigen afdeling, was trots op me en had een lollie voor me meegenomen. Jeej! Verder is het bij ons vooral heel hectisch: doordat er in een kort tijdsbestek 4 fulltimers zijn weggevallen en de stroom binnenkomende post en aanverwante artikelen alleen maar groter wordt is er een achterstand ontstaan waartegen er nu al maanden gestreden wordt, zonder dat er echt resultaat is geboekt. Dit weekend doen we er met z'n allen een gooi naar om de achterstand wat in te lopen en zodoende, hopelijk, wat meer ademruimte te creëren door zaterdag over te werken. Een druppel op een gloeiende plaat, ben ik bang, maar al is het maar weer éven op orde, dan kunnen we weer even ademhalen. Ik moet hier overigens bijzeggen dat het me verrast hoe gemakkelijk het me af gaat om dit van me af te zetten. Hoe moeilijk dat ook was bij mijn vorige werkgever, hier is het op de één of andere manier een stuk makkelijker om afstand te nemen. Natuurlijk wordt ik hier, als nieuweling, ook nog wel gespaard, maar de stapels en stapels en stapels ingekomen stukken (echt, je wil het niet weten) zouden toch echt al een flinke last moeten wezen. Ik ben dus trots op mezelf, nu ik erachter kom hoe veel ik precies heb geleerd door mijn burn-out. Niet slecht, toch?
************
Tjonge, nou, de jeuk continues hoor! Met wel nog een kleine nouveauté erbij: vervellen. Echt, de vellen hangen ervanaf, dus katjelief ziet er niet uit op dit moment. Maar dat geeft niet, want dat is op dit moment juist de bedoeling. Na het vervellen komt er een mooi, vers huidje tevoorschijn en is de afbeelding zoals 'ie zijn moet. In theorie dan, want nu lijkt het alsof de complete tatoeage eraf valt. Er zijn twee kleine stukjes waar je al door de vellen heen naar de nieuwe huid kunt gluren en aldaar is zekerste weten kleur te zien, dus het komt zeker wel goed. Ik kan alleen bijna niet meer wachten..

Wij houden van films. Het is een gezamenlijke hobby van mijn lief en mij om op te gaan in andere werelden, mee te leven met verschillende verhalen en achteraf te discusiëren over wat wel en niet goed was aan de film die we zojuist hebben gezien. En wanneer de dagen weer korter worden, het weer tijd wordt je jas weer uit de kast te halen en je als vanzelf op een dag een onoverkoomlijke trek krijgt in warme chocolade, dán is bij ons pas echt het hek van de dam: gooi op die films! Toen we afgelopen week dus een bioscoopbezoek planden voor de zaterdagavond en het bioscoopaanbod van de komende tijd bekeken besloten we dat het nu dan toch éindelijk tijd was geworden om het onbeperkte bioscoop-abonnement te gaan aanschaffen waar wij al een tijdje een oogje op hadden. Gisteren, voor onze film, vulden we dus onze formulieren in, legitimeerden we ons, lachten we voor de foto.. En nu gaan we dus een donkere winter tegemoet. Ons lijstje met films die we willen zien groeit gestaag en we zijn alweer aan het twijfelen of we dinsdag of woensdag opnieuw willen en welke van de twee al uitgezochte films het als eerste moet gaan worden. Gosh, wat kun je blij worden van een passe-partout voor élke film die er draait!
Op mijn werk wordt er voor ons natje gezorgd middels grote koffie-automaten. Althans, zo noemen ze dat dan, maar er komt nog veel meer uit. Zo heb je ook thee, natuurlijk, en heet water. Koud water, chocomel en zelfs een bakkie groentesoep kun je krijgen. En het klinkt misschien duf, maar zo'n automaat kan mij mateloos intrigreren. Het brengt een geheel eigen cultuurtje met zich mee. Zo heb je natuurlijk van die handige bekertjes-houders, waarmee je voor je hele afdeling ineens koffie (en aanverwanten) mee kunt zeulen. Wij noemen ze frisbees. En daaraan onlosmakelijk verbonden heb je natuurlijk het rondje vragen-wat-iedereen-wil-drinken. "Wil jij wat drinken, Anita?" "Nou, doe mij maar een één-viertje."

Ik ben geen keukenprinses. Met tegenzindraai ik (indien noodzakelijk) een eetbare maaltijd in elkaar, maar mijn hobby zal koken nooit worden. Wanneer je mij vrijwillig de keuken in wil hebben zul je me dus om een taart moeten vragen.. Of om een kipgerecht. Want ok, koken mag ik dan heel suf vinden, kip grillen kan ik buitengewoon goed. En Annibal's houden van kip.
Voor mijn -inmiddels niet meer zo héél nieuwe- baan is het de bedoeling dat ik weer ga studeren. Het is niet zo heftig als mijn vorige studie*, maar het is wel zaak dat ik meer leer over de achtergrond van mijn werkzaamheden en de instantie waar ik nu in dienst ben. Anderhalve week geleden begon ik dan ook met 'module 1', waaraan twee lesdagen, een stage en een examen zijn verbonden. De twee lesdagen zitten er inmiddels op en komende donderdag heb ik mijn examen. Dus dat betekent studeren. En als je studeren zegt, zeg je (in mijn geval) ook studie-ontwijkend gedrag. Ik ben een ster in het uitstellen van de benodigde studie-uren, ongeacht of ik de studie leuk vind en of ik die tijd al in heb gepland. Het is gewoon té makkelijk om het nog even uit te stellen..
Soms denk ik er ineens aan. Besef ik het me allemaal. Dat ik nu alweer meer dan 3 jaar aan het loggen ben. Ik en mijn lief alweer 5,5 jaar samen zijn. De brugklas alweer 18 jaar geleden is. Mijn broertje overmorgen 24 jaar wordt. Het alweer dik 6 jaar geleden is dat ik 3 héle kleine bolletjes pluis mee naar huis nam, met z'n drietjes in één reismandje. Ik mijn eerstvolgende verjaardag voor de derde keer een decennium vier. En zowel mijn eerste tatoeage als mijn rijbewijs alweer bijna 10 jaar in mijn bezit zijn.
In de ochtend ben ik een echte diesel. Wanneer mijn wekker gaat ben ik vaak nog diep in slaap en met enige regelmaat ben ik zelfs nog aan het dromen; als ik mezelf eenmaal uit bed heb gesleept (na een kwartier of 3 snoozen) ga ik mijn ochtendroutine in semi-slaapstand door en meestal word ik pas écht wakker wanneer ik al op mijn werk ben. Ik kan er niets aan doen, het zal wel met de combinatie van avondmens/diepe slaper te maken hebben, ofzo. Sinds de vakantie is het pas echt erg: mijn laatste werkdagen voor we vrij waren was het nog licht als de wekker ging, toen we weer moesten werken was het ineens nog stikdonker op het moment van opstaan. Die botte overgang van wakker worden met licht naar wakker worden als vleermuis is een beetje too much voor mijn arme lijf. Nu kan ik al helemaal niet meer wakker worden. Ik slaap nu echt door de wekker heen. En als ik me dan uiteindelijk over de rand van dat warme nestje heb weten te gooien ben ik misselijk. 