Er zijn zo van die dingen waar een Annibal heel blij van wordt. Eén van die dingen is winkelen. Geef me een missie en ik ga los: eenmaal in de stad verzin ik er zo nog een missie of 10 bij en vaak slaag ik ook nog voor diverse dingen waarvan ik nog niet wist dat ik ze nodig had. En sóms slaag ik daarbij zelfs nog voor iets waarvoor ik de zoektocht al heel lang gestaakt had. Geweldig toch? Er is echter één missie die me per direct in angstzweet doet soppen: de missie nieuwe broek. Want hóe goed een Annibal ook is in winkelen, slagen voor een broek die aan ál mijn eisen voldoet is meestal a bridge too far. Ik ben namelijk niet maatje Twiggy, ik ben mínstens maatje Marilyn. En dat mag niet van meneer H&M en consorten. Een passende spijkerbroek willen is zoeken naar een speld in een hooiberg. En dan maak ik het zelfs nog een tandje of twee érger: ik wil namelijk ook nog eens een model dat mij bevalt! Jaha, ik weet het wel, dat is natuurlijk echt te zot voor woorden, maarja.. Ik wil niet in skinny jeans lopen omdat de mode zegt dat dat moet. De mode dicteert en vervolgens is er niets anders meer te koop, maar helaas gaat men dan voorbij aan de volksstammen die die mode gewoonweg niet stáát. De mode zou mij vierkant uitlachen wanneer ik in skinny jeans rond zou gaan lopen. Zeker weten. Ikzelf trouwens óók.
Maargoed, mijn eisen dus. Ik wil wijde pijpen. Dat vind ik leuk, en dat past goed bij mijn figuur. Maar dan ben ik er nóg niet: ik wil ook een wat hogere taille, graag. Ik werk op kantoor en wordt het gesjor aan zo'n heupbroek echt binnen anderhalf keer opstaan en weer zitten zat. Een heupbroek is heel charmant voor op sta-feestjes, maar in het dagelijks leven vind ik ze hoogst onhandig. En dan, tot slot: ik weiger € 200,= af te rekenen voor één broek. Annibals worden héél erg blij van koopjes en kunnen intens genieten wanneer ze vinden wat ze zoeken zónder er de hoofdprijs voor te betalen.
Onmogelijk, dus. Na al jaren met enige regelmaat te hebben gevochten met deze missie kwam het moment weer, zo'n maand of vijf geleden. Mezelf een paar weken lang elke ochtend afvragen waar al mijn broeken zijn gebleven. Dan het licht zien en eens inventariseren. Dan, de ontluisterende conclusie: crap, ik moet nieuwe broeken hebben. Drie, vier weken ontkenningsfase. Dan, berusting. Begin van een zoektocht. Een zoektocht die me het bloed onder de nagels vandaan haalt. De keren dat ik de complete serie broekenwinkels in centrum Den Haag af ben gelopen gestaag stijgend. Webwinkels langs. Maar ookal is in werkelijk élk wijvenblad te lezen dat de nieuwe broekenmode wijde pijpen en hoge taille is, de winkels hebben daar zo hun eigen gedachten over.
En dan, vandáág, EINDELIJK, victorie! Bij maar weer eens een rondje Wehkamp (goede graadmeter voor wat er in de winkels hangt) zie ik 'm op een plaatje staan: mijn nieuwe broek!! Wat hogere taille, wijde pijpen en maar € 30,=! Maar helaas, de euforie is van korte duur, want alle 'grotere' maten (dat betekent eigenlijk alles boven maat 36) is uitverkocht. Maar dan zie ik het: er staat een merkje van de C&A bij. Na de fysio te hebben bezocht stap ik dan ook in de auto en zoef naar de dichtstbijzijnde C&A-winkel (hetgeen trouwens verassend lastig is met gekruisde vingers). Aldaar aangekomen zie ik er een rek vol van hangen. Hoera in de gloria! Even snel passen, nog steeds joepie-de-poepie.. Maar dan slaat mijn blijdschap dood. Ik kom tot de ontluisterende conclusie dat ik maat 44 niet eens ín kom en maat 46 (zo'n vier cm. verschil! Zit er echt víer centimeters tussen één maat??) me te groot is. Bovendien valt de wijdte van de pijpen me nogal tegen. En in de spiegel kijkend kom ik on top of things óók nog eens tot de conclusie dat ik er dik uitzie, in deze broek. Maar wellicht is dat een mind-trick vanwege die 4 en die 6 op het kaartje. Twijfelend loop ik dus door de winkel, met een maat 46 spijkerbroek over mijn arm. Want ookal valt 'ie tegen, hij past wél over mijn kont heen. En hij hééft wijde pijpen, een soort van.
Dan, in een raar verstopt rek achterin, vind ik ze: DE spijkerbroeken. échte wijde pijpen! Een (relatief) hoge taille! Er hangt één maat 42, die er vergeleken met de maat 46 over mijn arm verdómde groot uitziet. Ik ren naar de paskameren trek 'm aan. En ondanks alle hitte (verzamelt die zich werkelijk in élke winkel precies in die kleine rotkamertjes??) krijg ik 'm aan, krijg ik 'm dicht, en zit 'ie lekker
Even later loop ik, zwaaiend met mijn C&A-tasje, de winkel weer uit. Naast DE broek heb ik er ook nog een leuk shirtje op de kop getikt. Totaal was ik € 39,90 kwijt en I'm king of the world. Als ik de broek aan Paul show (gelukkig hoef ik niet zo blanco te kijken als de modellen die modeshows lopen) bevestigt hij wat ik ook al dacht: deze broek haalt het beste van mijn figuur naar voren. Die andere broek zat gewoon écht niet, dat was geen mind-trick. En de pijpen zijn zo wijd dat ik mijn hele schoenen erin kan verbergen.
Annibal is blij!
(En is het niet ongelooflijk dat ik mzelf bíjna aan had gepraat dat ik die andere broek dan toch maar moest kopen, omdat ik er oprecht in geloofde dat iets beters niet te krijgen zou zijn?)

Eens in het jaar moeten we aan de slag: de kampeerspullen moeten door de Annibal- en Paul-check. We kamperen weliswaar vaker in één jaar, maar die controle, die hoeft natuurlijk alleen de eerste reis. Omdat die eerste kampeertrip in dit geval Lowlands is zijn we de afgelopen dagen bezig geweest met het tevoorschijn trekken van allerhande handigheden, het maken van lijstjes en het bedenken van wat er mist. En dat is best lastig, als er niet echt iets mist. Want het voornaamste item dat we dit jaar nodig hebben is helemaal geen item, maar meer een ongrijpbaar iets dat je moet zien te bereiken. Ik wil namelijk heel graag elke nacht slápen. Dat lukt mij namelijk heel slecht, daro in de polder. De herrie (die op onze camping trouwens best meevalt) de bouwlampen en de over-scheerlijnen-struikelende zuipschuiten, die kan ik allemaal wel hebben. Maar de kou die optrekt uit de poldergrond, jemig zeg! Afgelopen jaar was het nog een tandje of twee kouder 's-nachts als in het gemiddelde Lowlands-weekend, waardoor ik met onze twee slaapzakken, een broek, een t-shirt, een vest, twee paar sokken (nood breekt wet hè?), twee fleece-dekentjes, een deken over de slaapzakken heen én een Paul nog steeds klappertandend mijn nachten heb doorgebracht. Geen grapje, als je pas rond vijven/zessen je bed inkruipt en je gegarandeerd alweer om tien uur je bed uitgefikt wordt door de zon.
Vanochtend regende het dat het goot. Omdat ik het gedurende mijn ochtendritueel niet eens een béétje minder zag worden, was de conclusie duidelijk: dat wordt met de tram naar mijn werk. En als er nu één ding is waar ik een gruwelijke hekel aan heb dan is het wel met de tram naar mijn werk moeten, want ik moet dan met de Randstadrail. En die Randstadrail, die is op z'n haags gezegd klote. De hyper-moderne, ultrastrak vormgegeven tramstellen hebben namelijk een ontzettend nare 'ontwerp-fout': ze zijn onnoemlijk slecht te ventilleren. Als je dan dus nat van het buitenstaan, bij vochtig maar zeer warm weer, in een flink volle spitstram stapt wordt je humeur er niet beter op. Het is er dan zo vies vochtig, klam en heet daarbinnen dat het zweet je letterlijk van je gezicht en je lijf druipt. BAH.
Het is best een beetje raar, eigenlijk. Als kind leer je allerlei regels, en leer je ook dat je ze altijd toe moet passen. Je moeder doet er haar best voor, je vader wordt boos als je je er niet aan houdt, op school leer je waarom die regels er zijn. Van pannen op het vuur moet je afblijven, je mag binnen geen fikke stoken (en buiten eigenlijk ook niet), mensen slaan, schoppen of bijten is niet lief en je kijkt naar links, naar rechts en nog eens naar links voor je oversteekt.
Nog nooit maakte ik een Barbeque mee bij zúlk rotweer. Weliswaar waren er momenten van zon, maar de momenten waarop het zó hard regende dat je binnen 3 seconden al stralen water van je lijf af voelde stromen waren voltalliger. Een tweetal party-tents redde de dag en het weer maakte eigenlijk ook niet uit. Want het was leuk om heel mijn familie weer eens te zien en te spreken. Op zulke momenten besef ik altijd hoe jammer het is dat iedereen het zo druk heeft. Dat je elkaar zo weinig ziet, of spreekt. Maar tegelijk met deze spijt komt ook de wetenschap, dat het goed is, zo. Want iedereen móet ook z'n eigen leven hebben. Dat we allemaal moeite moeten doen om elkaar die paar keer per jaar te treffen, dat heeft één groot voordeel: het is extra leuk om elkaar dan weer te zien!
Drie jaar lang was Paul uitzendkracht bij een grote kabelmaatschappij. Hij werkte er al zo lang dat ze er al bijna waren vergeten dat hij niet in vaste dienst was en met enige regelmaat vielen er dan ook collega's van hun stoel wanneer ze hier dan achter kwamen. Eind afgelopen jaar of begin dit jaar, dat weet ik niet zo goed meer, kwam er dan éindelijk goed nieuws: hij mocht in vaste dienst. Heel fijn, want na een bepaalde periode is het kiezen of delen: in dienst bij het bedrijf zelf of weg, zowel bij het bedrijf als bij het uitzendbureau. In maart zou het zo ver zijn en met smart wachtten wij op wat komen ging. Maar door een overname door een ander bedrijf moesten er nieuwe arbeidscontracten worden opgesteld en maart werd april, april werd 'juni of juli' en toen dit dichterbij kwam zag het ernaar uit dat het zelfs na de schoolvakanties zou worden. Dat het nog wel een tijdje ging duren was ons ondertussen wel duidelijk en we rekenden nergens meer op; groot was dan ook onze verbazing toen we zo ergens begin juni meekregen dat het toch écht 1 juli zou gaan worden. Feest!
Wanneer ik een reactie achterlaat op een weblog typ ik altijd netjes mijn naam en mijn e-mailadres in. Wellicht los daarvan krijg ik een gigantische berg spam-mail, die google allemaal prima in de spam-box weet te vangen. Maar stiekum kan ik er dan toch niet tegen, zo'n dikgedrukt kopje in het lijstje met mappen aan de zijkant van mijn webmail-scherm, met het aantal aanwezige mailtjes er in haakjes achter. Dus delete ik al maanden, dag in dag uit, de spammetjes uit het desbetreffende mapje. Bovenin staat er dan altijd heel blij een melden dat "messages that have been in Spam more than 30 days will be automatically deleted".
Gisteren was het 12 juli 2008. Exact een jaar na 12 juli 2007, de dag waarop ik en Paul elkaar in de ogen keken en officiëel beloofden elkaar nooit meer los te laten. Nog geen miliseconde voelden wij spijt; we hebben het gevoel dat we er alleen maar beter van zijn geworden. We hebben een éxtra dag in het jaar om iets te vieren. We hebben er de meest prachtige en dierbare herinneringen aan overgehouden. En ja, stiekum, ookal vind men altijd dat het huwelijk niets verandert, ookal 'is het maar een papiertje', verandert er wél iets. Wat dan? Tja, leg dat maar eens uit. Het is alsof onze relatie échter is geworden, meer diepgang heeft gekregen. Zoiets. En hoewel het geplande weekendje weg door omstandigheden nog even is uitgesteld, hebben we er gisteren een fijne dag van gemaakt. Een wandeling, uit eten, een film, een ijsje en vooral veel elkáár. Een dag van genieten.