Ik rits mijn tas dicht, klaar om weg te gaan. Alles dat ik nodig heb zit erin, conform mijn laatste check. Ik kijk op mijn horloge: een píetsie voor op schema. Mooi. Ik was al bang dat het een nare bedoeling zou worden, want de zomertijd geeft mij elk jaar opnieuw weer een jetlag waar ik niet vrolijk van word in de vroege ochtend. Net als ik de hengsels van mijn tas bij elkaar maai hoor ik echter iets.
*POF!*
Pof?? Oh crap, niet nú.. Ik ren de gang op, klaar om alles met 4 poten en een staart weg te jagen van de plaats des onheils. Geen kat te bekennen. Dat bevestigt voor mij misschien nog wel méér wat er gebeurd is dan die glinsters die ik aan het eind van de gang al op de grond meen te ontwaren: glas. Van die ene prachtige vaas, die wij van mijn tante kregen voor ons nieuwe huis. Absoluut prachtig, maar ook absoluut dún glas. Ondertussen ben ik aangekomen bij het toilet en zie dat het nog een tandje of twee erger is als waar ik bang voor was. De splinters glas knarsen veelzeggend onder mijn schoenen. Glas, overal. In het toilet, op de bril, op de grond, in de gang, tot aan de slaapkamer toe. Ondertussen hoor ik nieuwsgierige voetjes aan komen trippelen: Loki is eigenlijk ook wel benieuwd wat die pof nu precies was. Ah, dan weet ik al wie de dader is, want Max lag op de bank te slapen toen het gebeurde. En stoute katjes zijn niet zo nieuwsgierig naar wat er gebeurd is, die verstoppen zich voor mogelijke represailles. Ik schep Loki van de grond zo snel ik kan (een kat met bloedende pootjes kan ik er níet bij hebben), sluit hem bij Max op in de woonkamer en kijk om me heen. Verdorie..
Ik spreek eerst maar even de beantwoorder op mijn werk in. "Ik ben later. Mijn huis ligt vol glas. Tot zo." Nog steeds komt er geen instant oplossing in me op. Glas opruimen is niet zo moeilijk. Behalve als het dus een vaas bloemen betreft, die je al op het toilet had staan wegens die drie drollen die de bloemen de hele tijd proberen op te eten. Want een vaas bloemen zit vol water. Water maakt het opruimen van ienie-minie-glassplintertjes zo'n 300 % moeilijker. Vooral wanneer het véél water is. En de splintertjes zo klein, dat sommige delen ervan meer op gruis lijken als op glas. Ik besluit het hele gebeuren op te vegen met toiletpapier. Ik pak een doos, prut de overblijfselen van het arme bosje bloemen erin en begin aan mijn karwei. Eerst de grote stukken glas eruit vissen. Het ergste water opnemen. Glassplinters bij elkaar vegen. Goed oppassen dat ik me niet snij, want scherper glas als dit is er niet te vinden. Herhaal handelingen een tegel verder. Toiletbril. Gang. Slaapkamer. Stofzuiger eroverheen. Nog een keer vegen met toiletpapier. Voorzichtig langs de grond kijken om te zien of er nog iets schittert. Laatste splintertjes wegzuigen met de stofzuiger. Doos met glasscherven, geknakte tulpen, zeiknat toiletpapier en nog meer glasscherven in een vuilniszak. Stofzuiger weg. Even een boze blik naar een voorzichtig tevoorschijn gekropen Beertje.
Uiteindelijk was ik, dankzij het rustige verkeer en een bescherm-engel die al mijn stoplichten op groen deed niet héél erg te laat op mijn werk. De toiletbril is beschadigd op diverse plekken, maar ziet er nog redelijk bruikbaar uit. Nu weet ik zéker dat ik geen bloemen meer aan hoef te nemen van visite: ik heb geen vaas meer om van in de verleiding te komen. En Beertje, tja.. Die was alláng weer vergeten hoe stout ze was geweest toen ik weer thuiskwam: ouderwets stond ze om eten te zeiken in de gang toen ik binnenkwam. Net als altijd

We krijgen zodadelijk eters, dus ik moet nog even de vaatwasser aan zetten. Ik druk de aan-knop in, selecteer het programma en klap de deur dicht*. Maar er gebeurt niets. Da's raar.. Ik trek de deur weer open en de het apparaat begint te piepen. Ik druk opnieuw het programmaknopje opnieuw in, maar hij blijft piepen. Ik hou het knopje langer ingedrukt. En nog langer. En nóg langer. Het gepiep houdt aan. Misschien stond hij al aan, toch wel, stiekum? Ik gooi de deur weer dicht. Niets. Weer open. Gepiep. Ik druk een ander programma-knopje (de één) in, hou het ingedrukt tot mijn geduld op is. Het gepiep houdt aan, de vaatwasser houdt bij hoog en bij laag vol dat ik programma 3 wil en doet gewoon net alsof hij mijn 1 niet hoort. Zucht.
Er was een liedje op de radio, gisteren. Het liedje 'Thriller' van Michael Jackson, om precies te zijn. Meestal hoor ik de muziek die op mijn werk aanstaat maar nauwelijks, maar op de één of andere manier kwam die liedje réchtstreeks mijn hoofd binnen. Opende even deurtjes die er nog altijd zitten, maar waar ik meestal aan voorbij ga zonder ernaar te kijken. Deurtjes naar andere tijden zijn dat. Deurtjes waar ik dan doorheen spiek, en zie hoe blij ik vroeger van deze muziek werd. Nog wel hoor, tuurlijk, maar vroeger op een andere manier. Nu is het jeugdsentiment, iets dat mij altijd blij heeft gemaakt en dat gevoel ook altijd bij me op zal blijven roepen. Maar tóen, toen was het anders: ik lééfde die muziek, als klein meisje.
Al een paar weken heb ik er chronisch last van: besluiteloosheid met betrekking tot weer-gerelateerde zaken. Met name wanneer ik naar mijn werk moet en het dus in één keer goed moet hebben slaan de twijfels toe: wat moet ik aan? Dik gekleed? Of juist dun? Ertussenin? Veel laagjes? Een staart in mijn haar (koud), of juist niet (lastig bij veel wind)? Welke schoenen? Als ik dan uiteindelijk déze ultieme knoop heb weten door te hakken (middels het leeggooien van mijn complete kledingkast) komt het volgende dilemma alweer om de hoek kijken: hóe ga ik erheen? Pak ik de fiets? Of toch liever de auto? Uit principe fiets ik liever omdat dat sneller gaat en beter is, maar wanneer ik op de fiets gok en het verkeerd heb ben ik óf te laat*, óf zeiknat/volledig verwaaid/onderkoeld wegens het fietsen door baggerweer.
Ja, dat heb ik dan wel eens. Een achterstand. Op de korte termijn is deze doorgaans redelijk voorspelbaar: zo'n tweemaal per week creëren wij circa een halve week achterstand in het huishouden. Maar op langere termijn zit dat anders: dan zijn het vaak van die dingen op mijn to do-lijstje, die niet erg dringend zijn en dus onderaan staan. Maarja, ze staan dus wel op dat to do-lijstje, hetgeen dus automatisch inhoudt dat ook déze dingen wel eens een keer zouden moeten gebeuren. En daar gaat het nog wel eens mis.
Hoe fijn, zo'n lang weekend vrij! Een diner voor twee in de stad, een zesde plaats met ons team vrienden bij de Popquiz te Paard, een avond bij vrienden, op bezoek bij mijn ouders, vrienden op visite, coctails drinken, een geweldige film zien.. Na ons gisteravond met Wim, Eefke en Maurice rot te hebben gelachen om de engelse comedy "Death at a Funeral" was ik vandaag mijn bed niet uit te bránden. Boekje lezen, luisteren naar de regen, een beetje doezelen met de katten.. Om drie uur (!!) hield ik het maar eens voor gezien. Het eieren verven van vandaag kreeg daardoor een flinke kink in de kabel; bovendien is het weer niet bepaald uitnodigend om op de fiets richting het centrum te stappen en dat zal je altijd zien: op één van de weinige dagen dat de winkels dicht zijn blijkt je tramkaart op te zijn.
Het is een rotzooi hier in huis. Sterker nog: het is een ab-so-lute teringbende. De eettafel ligt vol post, tasjes, spullen waar dit weekend nog iets mee moet en andere bij elkaar verzamelde zut. In de keuken staan er allerlei pannen en bakjes verspreid over het aanrecht en op de koelkast/vriezer. De frutuurpan staat er nog. De vloer ligt vol Fluffy's* en op diverse plaatsen kom je korreltjes kattengrit tegen. In de slaapkamer ligt nog een berg was, door de studeerkamer staan een paar dozen verspreid, die voorheen netjes opgestapeld in een hoekje stonden. Er ligt zó veel kattenspeelgoed verspreid over de vloer dat de katten tijdens het spelen continue afgeleid raken. En ja, eerlijk is eerlijk: het kan ook allemaal best een lapje gebruiken.
Wat is het toch een gewéldig voorrecht om elke woensdag vrij te zijn. Ik geniet er nog even met volle teugen van. Nog? Nog, ja, want binnenkort gaat dat veranderen. Niet voor altijd hoor, gelukkig, maar voorlopig wel. Mijn aanstaande werkgever heeft namelijk aangegeven dat het gedurende de eerste tijd dat ik daar werk érg handig voor het inwerk-proces is wanneer ik niet 4, maar 5 dagen per week aanwezig zal zijn. Die eerste tijd zal ik dus, náást mijn gebruikelijke dagen, ook de woensdagochtend op mijn werk aanwezig zijn. Vandaag was voor mij dan ook een woensdagje van het zuiverste soort: ik ben op mijn gemakje naar het winkelcentrum gehobbeld, alwaar ik nieuwe batterijen voor het laserlampje, een brood en een fijn tijdschriftje kocht, ik heb de katten zó in-en-in gelukkig gemaakt met die nieuwe batterijen in het laserlampje dat ze nadien volledig buiten adem maar met maar tevreden blikken door het huis verspreid lagen en ben vervolgens met mijn neus in mijn fijne tijdschriftje hardcore in slaap gestort op de bank.