Toch wel

Mijn tweede werkdag sinds mijn vakantie-met-week-ziek-erachteraan kreeg ik niet vol. Rond tweeën toog ik naar huis, volledig afgedraaid. Opnieuw een middag op de bank doorbrengen was niet wat ik in gedachten had gehad toen ik ‘s-morgens opstond.

Vanochtend beaamde mijn huisarts me, dat ik me niet aanstel en dat ik niet gek ben. Bronchitis dus. Een kuurtje should do the trick. Morgen ben ik vrij en kan ik dus rustigaan doen; ik hoop dat ik donderdag genoeg effect heb van de antibiotica om éindelijk eens klaar te zijn met dat ziekige gedoe. Ik ben het zat!

Les

Ik voelde me vanavond een heuse huisvrouw: samen met mijn moeder kroop ik achter mijn nieuwe naaimachine en bracht mijn moeder me de fijne kneepjes van het gebruik van de machine bij. Ik moest soms de neiging onderdrukken om mijn tong een stukje uit mijn mond te steken in opperste concentratie: “Ohja, dus dan moet het draadje dáárdoorheen, en dan door die wiebel, en dan langs dat stokje.. Draaien.. En gas geven!”

Met name gas geven bleek ik goed te kunnen*: de eerste twee naaisels gingen prachtig met een noodgang de bocht om. Toen ik uiteindelijk de basisvaardigheden onder de knie had en mijn proeflapje trots aan Paul liet zien (“Oh, wat is het?” “Een vierkantje! En ook nog een streepje ernaast :-D “Ehm.. Aha..”) voelde ik me bíjna een volleerd naaister. Met volledige dank aan mijn mama, uiteraard. Vandeweek dus maar eens voorzichtig een poging wagen aan de keukengordijnen!

************

Een tijd geleden stond in de reakties op mijn weblog ter discussie of mijn katten niet stiekum konijnen waren. Ik zou hier nog een volledig logje aan wijden, maar doordat mijn pc vervolgens volledig crashte is dat logje er nooit meer van gekomen. Omdat het nu al laat is lijkt het me niet héél verstandig hier nog een heel eind over te gaan zitten uitwijden, maar ik kan jullie op dit moment wel vertellen dat ik af en toe zelf óók zo mijn twijfels heb**:

Tja… Als de slá al niet eens meer veilig is..

*: Wellicht dat bijna negen jaar oefenen in de auto daaraan heeft bijgedragen?
**: Met excuses voor de kwaliteit van de foto; wanneer je snel een foto moet maken en er is niet al te veel licht heb je weinig keus en moet je flitsen..

Nou zeg..

En toen deed ineens mijn computer het niet meer! Althans, Windows dan, de pc zelf deed het nog prima. Na weer eens een dagje installeren heeft mijn lief me weer helemaal uit de brand: Windows er opnieuw op, de meeste programma’s weer terug. Gelukkig maar, dat al mijn ‘dingetjes’ elders staan opgeslagen (handig, die partities!), zodat ik geen mp3′tje of foto zal moeten missen. Thnx babe :-)

Overigens is er wel iets anders dat ik per vandaag moet ‘missen’: de zijkant van mijn nagel is eraf. Ik bleef er vanmiddag een beetje aan hangen (nee hoor, geen erge au) en toen ik de pleister eraf haalde vroeg ik me af.. Ik pakte mijn tangetje* en knipte een stukje.. En nóg een stukje.. En toen nog meer.. En uiteindelijk bleek dat ongeveer 90% van de ingehakte zijkant niet meer vastzat aan de onderliggende huid. Onder de nagel kwam het bont en blauwe ‘flapje’ huid dat ik ook los had gehakt vandaan, en na nog wat meer knipwerk kwam dáár weer een mooi rose babyvelletje vandaan. Het trekt een beetje en het is wat gevoeliger als de ‘gewone’ huid, maar verder ziet het er keurig uit. Geweldig, want nu is er ook nauwelijks nog risico dat ik ergens aan blijf hangen en dingen lostrek die nog vastzaten. Hoezee!

*: Als manicure heb ik het geluk over ál het juiste gereedschap te beschikken.

Hypochonder?

Ik word er compléét gestoord van zo onderhand: mijn keelpijn, hoest en vermoeidheid gáán maar niet weg. Sterker nog: de hoest lijkt alleen maar erger te worden en sinds de laatste paar dagen voel ik iets gorgeligs onder mijn borstbeen als ik adem. Het voelt als een soort van snurken, maar dan ergens in mijn longen, ofzo. En dát gevoel doet me weer denken aan die flinke bronchitis die ik.. Een jaar? Twee jaar? Geleden te pakken had. Precies dat gevoel, tesamen met mijn hoest (soms tot overgeven aan toe) waar geen drankje of pilletje tegen lijkt te werken, kortademigheid sinds een dag of twee én die overmatige vermoeidheid geeft mij de laatste paar dagen steeds vaker de gedachte aan bronchitis in. Zou het..? Opnieuw? Enerzijds voel ik me een beetje hypochondrisch, anderszijds vraag ik me af waarom ik me nu al zo’n anderhalve week zo naar voel.

Opnieuw naar de dokter? Ik ben afgelopen maandag nog geweest! Slaat dat wel ergens op? Als het niets is zal die man óók wel denken. Maar aan de andere kant.. De laatste keer heb ik er dik een maand en twee antibioticakuren over gedaan om van die bronchitis af te komen. Ik weet het even niet. Stel ik me aan? Gewoon even afwachten? Of toch nog maar een keer naar de dokter? Ik ben het zo moe.. :-(

Well, what d’ya know?

Mijn katten spelen met appels, cellofaantjes, deuren, dozen, draadjes, elastiekjes, elkaar, kleedjes, knuffelbeesten, laserlampjes, lintjes, manden, muren, ochtendjassen, plastic tasjes, pleisters, propjes, schroefjes, sokken waar Paul’s voeten nog inzitten, spinnen, strikjes, tafelpoten, vliegjes, wasgoed en wattenstaafjes.

Met alles dus, zo ongeveer, maar nóóit met balletjes.

Wie had er dan óóit gedacht dat er nog eens één, op 5-jarige leeftijd welteverstaan, achter de charmes van een pingpongbal zou komen?

Niet over

Nog best vermoeiend, dat ziek thuis zijn hoor.. Denk je net dat je het ergste hebt gehad, breekt de volgende fase aan: die van volledig verstopt zitten, van kei-hard en pijnlijk hoesten, van het gevoel hebben dat je voorhoofdsholte vacuüm is gezogen en van pijnlijke, tranende ogen.. En ook die keelpijn wil nog niet helemaal weg, helaas.

Als kleine pleister op de wonde wordt vanavond waarschijnlijk mijn nieuwe naaimachine langsgebracht door Eefke en haar vriend Maurice, wier moeder naailessen geeft en “nog wel iets had staan om het op uit te proberen” toen Marice haar vertelde dat ik graag een naaimachine wilde gaan kopen, maar niet zo goed wist waarop ik moest letten. Dat betekent dat ik, zodra ik me wat beter voel, aan de slag kan met de stofjes en de gordijnen die ik nog heb liggen. Dat betekent dus dat we binnenkort éindelijk gordijnen hebben in de keuken en de studeerkamer. Yay!

Vive la revolution?

Vandaag, tot op de dag nauwkeurig, is het 40 jaar geleden dat Che Guevara werd geëxecuteerd door het Boliviaanse leger. Een leven als guerillastrijder en idealist eindigt, een onsterfelijkheid als icoon van rebellie begint. Nu, 40 jaar later, is het moeilijk zijn beeldtenis te ontlopen: van t-shirt tot portemonnee en van mok tot horloge, “vive la revolution!” heeft zich als spreuk én als afbeelding diep in ons collectieve onderbewustzijn genesteld. Zijn beeldtenis dragen is een statement, dat staat voor tegendraadsheid en idealen; hij is tot een madonna met een baret verworden. Hij kwam op voor de armen, de zieken en de minderbedeelden in Latijns Amerika. Hij verzaakte nimmer zijn eigen ideologie en leefde voor de strijd die zou moeten verwezenlijken wat hij dacht dat goed was voor de mensen. Maar in die laatste zin weerklinkt een tegenstrijdigheid: de woorden strijd en wat goed is voor de mensen gaan zelden goed samen en ook dit geval is geen uitzondering.

Wanneer je een beetje rondzoekt op het internet is het niet moeilijk om snel bevestiging te vinden van het feit, dat de meeste mensen het icoon Guevara omarmen zonder écht te weten waar hij voor stond en wat hij zoal gedaan heeft in zijn leven. Zo las ik een werkstuk van een middelbare scholier, die onderzocht heeft wíe die man nu eigenlijk precies was omdat zowel hij als zijn klasgenoten eigenlijk niet zo goed wisten wat er nu toch te doen was om deze man. En zoals zovelen kwam hij uit op de held Guevara: hij kwam op voor de armen, heeft altijd zijn woord en idealen behouden, heeft er zelfs voor gevochten en is er uiteindelijk ook voor gestorven. In dit opzicht heeft de jonge auteur van dit werkstuk gelijk; daar valt niets aan af te doen. Hetgeen mij echter benauwd, is de bizar grote hoeveelheid mensen die het hierbij laat: Ché is een held, een voorbeeld, een idool. Waarom staan er zo weinig mensen stil bij wát die idealen nu precies waren en wát hij precies allemaal heeft gedaan om ze ten uitvoer te brengen? Wanneer je Hét zwart-witte plaatje niet laat voor wat het is, maar inkleurt en van meerdere kanten bekijkt, veranderd het beeld. Met zo’n 180 graden, om precies te zijn.

Het is niet dát hij een revolutie wilde, het is de maníer waarop hij deze wilde. Hij geloofde zo heilig in zijn ideeën dat hij voor de uitvoering ervan absoluut níets schuwde en hij leefde volgens het concept “Those who are not with me, are against me”. Na zijn geliefde Cubaanse revolutie, waarbij Fidel Castro de macht greep, werd hij het hoofd van de gevangenis ‘La Cabana’ en, náást gevangisdirecteur, ook de actiefste beul van dit gevang. In deze dagen werden vele Cubanen ‘berecht’, tekende onze Ché vele doodvonnissen en voerde zijn vonnissen, naar verluid, graag ook zelf uit. Bevestigd is dat deze man minimaal 160 cubanen zelf om het leven heeft gebracht; over het algemeen wordt aangenomen dat er zo’n 500 tot 600 mensen aan de handen van deze man zijn gestorven. Ché zou zelf tegenover een cubaanse journalist hebben gezegd dat hij 1897 doodvonnissen had getekend. Zijn eigen woorden hierover, o.a. opgetekend in zijn dagboeken en zijn boek Guerilla Warfare (La guerre de guérilla):

“To send men to the firing squad, judicial proof is unnecessary. These procedures are an archaic bourgeois detail. This is a revolution! And a revolutionary must become a cold killing machine motivated by pure hate.”

“We will make our hearts cruel, hard, and immovable … we will not quiver at the sight of a sea of enemy blood. Without mercy, without sparing, we will kill our enemies in scores of thousands; let them drown themselves in their own blood! Let there be floods of the blood of the bourgeois – more blood, as much as possible.”

De mensen die werden geëxecuteerd waren over het algemeen tegenstanders van het nieuwe regime. Op een gegeven moment is de beul Guevara zijn veroordeelden zelfs gaan knevelen voordat hij hen ter dood bracht, omdat hij het afschuwelijk vond dat veel van hen “Vive Cuba libre!” schreeuwden vlak voordat zij de kogel kregen. Daarnaast zou Ché in deze periode nog een aantal andere hobby’s hebben gehad, waaronder het uit bed lichten van gevangenen, om hen vervolgens tegen de muur te plaatsen, hen te ‘beschieten’ met lege kogelhulzen en hen daarna weer in de cel te stoppen. Ook het doorsnijden van de kelen van slapende gevangenen zou een bezigheid van hem zijn geweest. Later is hij uitgezonden op ‘revolutionaire missies’ uit naam van Cuba, waarbij hij eerst in Kongo en later in Bolivia een revolutionaire voet aan de grond probeerde te krijgen. In beide gevallen is dit mislukt; in Bolivia werd hij uiteindelijk verraden door een deserteur en gefusilleerd door het Boliviaanse leger. Er wordt overigens gefluisterd dat Fidel Castro zelf wel érg was gebaat bij de dood van Guevara (hij was immers de enige die hem zijn macht nog zou kunnen ontnemen) en dat Ché dan ook niet voor niets op deze missies is gezonden. Hoe dan ook, Ché wordt tot op de dag van vandaag door velen, met name Cubanen, geháát.

Feit is in elk geval, dat Ché, de held, lang niet zo’n geweldig en briljant persoon was als nu door veel mensen wordt aangenomen. Het was een charismatische en knappe man die door zijn volledige overtuiging van zijn eigen denkbeelden is uitgegroeid tot een on-uitroeibaar icoon. Mijn probleem met het icoon Guevara is zeker niet, dat hij het slécht voor had met de mensen. Nee, ik ben er zelfs van overtuigd dat hij álles dat hij deed oprecht deed om de wereld beter te maken voor anderen. Mijn probleem is vooral dat ook hij, net als zo vele anderen, ten prooi is gevallen aan datgene, dat dictators tot dictators maakt: de overtuiging dat zíjn denkbeeld het enige juiste was en de hieruit voortvloeiende conclusie dat het daarom terecht was andere mensen tot het volgen hiervan te dwingen.

Desnoods tot de dood erop volgt..

N.B.: Dit stuk heb ik reeds in de loop van afgelopen week en dit weekend geschreven; vandaag heb ik slechts het één en ander bijgeschaafd en op de ‘post-knopgedrukt. Dan is het nu weer tijd voor mij om verder te gaan met uitzieken (de huisarts was zojuist onverbiddelijk: een griepvirus heeft mij in zijn greep en naast wat medicijnen tegen de keelontsteking is uitzieken op dit moment mijn devies :-( ).

Welja..

Dan kan dát er ook nog wel bij: ik ben ziek. Hoofdpijn, vreselijke pijn in mijn keel, misselijk, buikpijn en pijn in mijn oren..

Nu maakt mijn arme lief het huis dus in zijn eentje af, terwijl ik op de bank wanhopig probeer beter te worden zodat we morgen tóch nog dat geplande relax-dagje kunnen vieren met z’n tweetjes :-(

(on)handige An

Pffff, denk je dat je alles gehad hebt.. Nouja, ik kan jullie geruststellen: ik heb goed naar Erica geluisterd* en me niet aan glas bezeerd tijdens het in elkaar zetten van de vitrinekast. Die staat nu ondertussen, is alweer mooi schoon én ingeruimd.

So far, so good, dacht ik, en ging ervan uit dat het gevaar nu geweken was. Mooi niet, natuurlijk.

Want dan, als je terug loopt van de Albert Heijn alwaar je een nieuwe voorraad Ammoniak hebt ingeslagen (de kastdeuren moeten vetvrij zijn voordat de interieurstickers erop kunnen), kan het zo maar zijn:

- Dat er een stukje hardplastic jasbeschermer van een fiets op de stoep ligt,
- Dat jij die niet ziet,
- Dat je er met je rechtervoet op stapt,
- Dat je rechtervoet vervolgens *glij* doet (Bambi op het ijs was er niks bij),
- Dat je in een soort van halve spagaat glijdt,
- Dat je linkerknie nogal hard *klap* op de stoep doet,
- Dat je nu overal spierpijn hebt, stijve ledematen hebt en je achter de pc een logje zit te typen met een ijscompres op je knie :-P

Vervolgens heb ik bijna de hele weg terug naar huis de slappe lach gehad, omdat ik, buiten het feit dat het sowieso nogal grappig was, moest denken aan Gieling, die me nu met de beste wil van de wereld niet meer kan betichten van het hebben van twee linkerhanden* (ik ben immers ook buiten het klussen om volledig ontoerekeningsvatbaar als het aankomt op onhandige acties).

Verder zijn we vandaag evengoed weer héél erg opgeschoten en daar ging het om. Morgen hebben we nog wel wat dingetjes te doen, maar het meeste hebben we er dan opzitten. Ik kan niet geloven hoe anders ons huis nu ondertussen is en al die extra ruimte en al die opgeruimd-heid maakt een mens ongelofelijk blij! Als het morgen licht is zal ik eens even proberen het één en ander vast te leggen op foto..

*: Zie comments op mijn vorige log :-)

Woops

Het gaat goed met het klussen! Maandag maakte Paul zijn laatste dozenwerk af en reden we met een volledig afgestamte auto (er kon daadwerkelijk geen rietje meer bij; Paul kon niet eens meer vooruit kijken en ik had alleen mijn buitenspiegels nog om iets te zien) naar de kringloop. Gisteren was het dan tijd voor de volgende fase: het maken van de kast. Nu had mijn schoonvader enige tijd geleden de rails en de schuifdeuren van de kast al opgehangen, maar een deel van de rails was weer uit het plafond gekomen doordat de grote schroeven op waren, dus dat moest overnieuw. Nadat we dit voor elkaar hadden hingen we de deuren er opnieuw in en stelden we ze goed af, om vervolgens met het binnenwerk aan de gang te gaan. Het ging verbazingwekkend vlot: tegen zevenen was de kast al practisch klaar (we hadden er 2 dagen voor ingepland); alleen de roede om de hangkleding aan op te kunnen hangen moest nog. Nu hadden we zo rond negenen een verjaardag van een vriendin, dus dat kwam mooi uit: als we nog een half uurtje aan die roede zouden besteden konden we vervolgens om half 8 gaan koken en rond half negen op de stad aan. Extra leuk: metéén aan onze vrienden kunnen vertellen dat die kast toch eindelijk af was. Ik was zelfs al begonnen aan het Hoera-de-kast-is-klaar-logje, dus zelfs hier nog even posten voor we weggingen móest lukken.

Paul begon met het in orde maken van het systeem dat we voor de ophanging van de roede hadden bedacht en ik ging ondertussen de stalen buis op maat zagen. Het zagen ging heel snel en ik vond mezelf dan ook héél stoer: een klussende vrouw die met een (volgens haar man niet al te best) klein ijzerzaagje een grote, dikke metalen pijp zaagt als een mes door de boter. Maarja, dat laatste stukje, dat wilde niet zo. Slecht voor mijn imago als klusvrouw, vond ik. Tijd om het anders aan te pakken dus: ik wipte de pijp wat meer rechtop, pakte ‘m beet in mijn andere hand en zaagde rustig weer verder. En dán komt natuurlijk het onvermijdelijke moment dat je er plotseling wel doorheen komt en omdat er dan nogal veel kracht op de zagende hand staat schiet die hand dus door. Vervelend, als je die metalen, superscherpe pijp daar ergens in de buurt hebt. De duim van mijn linkerhand (úiteraard; ik ben linkshandig) stootte dan ook precíes op de vlijmscherpe rand van die pijp, hakte een flink stuk mijn duim in en scheurde mijn nagel in de lengte tot vlakbij de nagelriem kapot. Oeps..

Na een tijdje onder de kraan te hebben gehangen, waarbij Paul toch mijn moeder maar even heeft gebeld voor een lift, zijn we richting de EHBO gegaan. En ja, daar moet je natuurlijk wachten. Dus we maakten het ons comfortabel in de wachtkamer, raakten aan de praat met een paar gezellige, oerhaagse dames en lachten om de informatiefilm die stípt eens in het half uur voorbij kwam. Na een tijd (ik heb geen idee hoevéél eigenlijk) werd ik bij een verpleegkundige geroepen. Ik begon maar alvast met smeken: ik was doodsbenauwd dat die nagel eraf zou moeten. Maar hij wist het niet zo goed en vond het beter als er een arts naar zou kijken. Weer terug richting de wachtkamer dus, alwaar vervolgens de één van onze wachtkamervriendinnen naar binnen werd geroepen. Na enige tijd mocht ik ook weer de volgende behandelkamer inschuiven, alwaar een co-arts een blik wierp op mijn charmante actie en een hoop vragen stelde. Ook híj wist echt echter niet zeker, maar vond het er an sich goed uit zien. Hij dacht niet dat de nagel eraf zou moeten, maar zou nog even een arts inschakelen voor de zekerheid. Na weer een tijdje wachten (het was ondertussen kwart voor 10) kwam de arts even langs. Met wat opdrachten (3 x per dag minimaal 10 minuten in een sodabadje weken, niet verbinden maar wel een pleister en naar de huisarts als er een ontsteking ontstaat) en adviezen (oppassen met klussen) maar vooral met nagel ( :-D ) mocht ik weer naar huis. In de wachtkamer kwamen we vervolgens niet alleen onze wachtkamervriendinnen (de voet was gelukkig niet gebroken, maar gekneusd), maar óók nog bekenden tegen, die het zo lang gezellig hadden gemaakt met mijn moeder. Vrolijke boel! Tegen de tijd dat we thuiskwamen was het ondertussen al half 11 en hadden zowel Paul als ik pijn in onze magen van de honger.. Hoera voor de frituurpan!

Ik moet zeggen dat de pijn me redelijk meevalt (ik had gisteravond meer last van het gat in mijn maag als van mijn duim) en hoewel ik het niemand kan aanraden, zit ik er niet eens zo heel erg mee. Het is vooral lastig omdat ik geen druk meer uit kan oefenen met de top van mijn duim en dat ik waarschijnlijk nog máánden met een pleister zal moeten lopen om te voorkomen dat de zijkant van die nagel ergens aan blijft hangen er er alsnog vanaf gerukt wordt (want dát, zo kon de arts mij verzekeren, zou zéker niet lollig zijn qua pijn). Ik ga dus maar weer aan de nagelversterkende middelen :-P

Omdat ik het moeilijk vind om te omschrijven hoe het eruit ziet heb ik maar even een tekening gemaakt, waarop je kunt zien wat er aan de hand is (die ik vervolgens maar even als url hierop zet, om te voorkomen dat mensen dingen zien die ze misschien niet willen zien). Op de top van mijn duim is de pijp ertegenaangekomen, tot aan de blauwe rand is ‘ie doorgestoten en de scheur op de nagel spreekt voor zich.

Overigens liet ik mijn duim daarstraks zien aan vriendin Maaike, die EHBO-ster is op allerlei evenementen, en zij kon me precies vertellen waarom de nagel er niet af hoefde en waarom ik óók helemaal niet zo veel pijn heb: wanneer je iets aan je nagel hebt is het probleem vaak, dat er zich druk onder de nagel op gaat bouwen die niet weg kan komen. Doordat er aan de bovenkant van mijn nagel een kleine kier zit kan de druk bij mij weg en daarom is de kans dus groot, dat het met nagel en al weer goed gaat komen. Na ons bezoekje aan Maaike ging Paul vervolgens weer aan de slag met de kast en bij een nadere inspectie van de buis kwamen we er ook weer achter waar die kier vandaan is gekomen: er zat nog een splinter van mijn nagel aan de buis, haha!

Enfin, eind goed, al goed (tot zo ver dus): de kast is ondertussen 100 % af, ik neem netjes mijn soda-badjes en heb niet al te veel pijn. Mits ik geen ernstige ontsteking krijg mag ik mijn nagel houden en vandaag hebben we een dagje rustigaan gedaan (even wat spulletjes naar Maaike brengen, nieuwe Jip-en-Janneke-pleisters kopen bij de Hema, samen een ijsje eten op een terrasje). Vanavond ga ik de kast inrichten en morgen gaan we aan de slag met het bouwen van de vitrinekast en het ophangen van wat dingen. Foto’s volgen zodra we de vandaag aangeschafte interieurstickers óp, en de inhoud ín de kast zitten!

************

De absolute ereplaats van vandaag gaat overigens naar Mieke, die gisteren is bevallen van een gezonde zoon die in de toekomst zal gaan luisteren naar de naam Timme. Lief!!

Mieke, Peter en Bente, ontzéttend gefeliciteerd met jullie prachtige zoon en broertje, heel veel geluk met z’n viertjes!

Previous Older Entries Next Newer Entries