Ken je dat gevoel, dat je soms hebt? Dat gevoel van precies goed, van puzzelstukjes op hun plek? Zo'n weekend was het, dit weekend. Een weekend van rustigaan, geen afspraken (behalve het vieren van mijn papa's verjaardag vandaag); een weekend van uitslapen en bijkomen. En ik ben bijgekomen, ik heb uitgerust. Gisteren voor het eerst in tijden weer eens uitgebreid met de wii gespeeld, een beetje boodschappen gedaan, in de avond weer eens een biertje wezen drinken in de Sowie (en nog één, en toen nog een sapje, en toen nog wat wijntjes).
In de Sowieso kwamen we erachter dat déze dag precies de goede dag was om er te zijn: een dierbaar vriendinnetje bleek in dezelfde situatie te zitten als ik bijna een jaar geleden zat. Ze was er nog flink mee aan het worstelen en zat nog wel een beetje in de ontkenningsfase (maandag niet gaan werken wilde er nog even niet in), maar haar klachten waren voor mij zó herkenbaar.. En gelukkig kon ik haar, juist omdat wij haar daar tegenkwamen, even uitgebreid spreken, advies geven, knuffelen en een hart onder de riem steken. Ik hoop dat ze er wat aan had; ik vond het in elk geval fijn dat wij precies op het juiste moment op de juiste plek waren.
Na vervolgens een gezellige zondag bij mijn ouders en broertje te hebben doorgebracht heb ik nog twee daagjes werken te gaan, waarna ik tot aan volgende week maandag vrij zal zijn; hierna moet ik weer twee daagjes werken tot aan mijn herfstvakantie (anderhalve week :-D)! Ook hierin heerst het gevoel van precies op tijd; ik verlang naar wat tijd om mezelf en mijn huis weer even op orde te maken en de dingen te doen, waar ik nu niet aan toe kom..


Gisteren was dus, zoals reeds gezegd, een flink vermoeiende dag. Ik had een paar heftige gesprekken naar aanleiding van een hoop denkwerk mijnerzijds: ik heb sinds ik met vakantie ben geweest namelijk nog steeds een onbestemd gevoel als het op mijn werk aan komt. De laatste weken begon mij dan ook langzaam te dagen wat het probleem is: er zijn bepaalde aspecten binnen het verzekeringswezen behóórlijk veranderd en ik weet daar niet zo goed mee om te gaan. Enfin, ik kan hier een hele verhandeling neer gaan zetten over het hoe en wat, maar het komt er eigenlijk een beetje op neer.. Dat ik mijn werkzaamheden niet meer zo leuk vind. Ik merkte dat ik steeds meer tegen bepaalde taken op ging hikken, ging uitstellen en soms betrapte ik mezelf erop, dat ik opgelucht was wanneer ik het één of andere klusje niet kon doen (bijvoorbeeld doordat de benodigde stukken op een woensdag bij ons binnen zouden komen). Om er vervolgens metéén ook weer een soort van schuldgevoel doorheen te voelen: ik ben niet zo afschuiverig en míjn onttrekking aan een dergelijke taak hield automatisch in dat een collega ermee opgezadeld werd.
Al
Sinds gisterochtend heb ik, zonder dat ik er een aanleiding voor kan bedenken, heel erg pijn in mijn benen. Een mengeling tussen kramp en spierpijn in beide kuiten en bovenbenen, die dusdanig aanwezig is dat ik nu al twee dagen rondloop (lees: strompel) als een 'oud wijf' (inclusief bijbehorend gesteun-en-gekreun). Ik kom nauwelijks nog een trap af en raak met enige regelmaat zwaar gefrustreerd als ik mezelf zo stijf als een hark richting het één of ander probeer te bewegen.









Met enige regelmaat kom ik ze tegen: "VERMIST"-postertjes met een gekopiëerde foto van een poes (of, héél soms, een hond) erop, een verhaaltje over het betreffende dier en een telefoonnummer. Vanochtend, toen ik mijn fiets ging pakken om naar mijn werk te gaan, hing er ineens één aan de voordeur van ons portiek. Zoals ik altijd trouw doe heb ik de volledige tekst gelezen (je zal het dier maar tegenkomen) en zoals ik óók altijd doe hou ik mijn ogen open. Omdat ik best een kattenmens ben zíe ik ze ook altijd overal, op van die typische kattenplekjes. Voor mij érg herkenbaar dus. Ik vind het min of meer wel iets dat ik moet doen; het zál je gebeuren dat je kat er om de één of andere reden vandoor gaat*.. Ik zou doodongerust zijn!
Tijd. De tijd, de klok, de agenda. Ze beheerst levens. Mensen rennen en vliegen, houden zich bezig en dóen. Op de achtergrond altijd die zandloper, onzichtbaar maar toch aanwezig, vol met waardevolle korrels zand. Hoe waardevol die korrels zijn beseffen we ons zelden; meestal hebben we geen tijd om daarbij stil te staan. Dat is ook beter zo, misschien. Wanneer je er continue bij stil zou staan zou die waardevolle tijd júist door je vingers glippen. Er zijn ook momenten, dat de tijd juist wèl tot ons doordringt. Dan staan we erbij stil. En dán, wanneer we niet rennen of vliegen, bezig zijn en dóen, juist dan verwordt die tijd tot een moeilijk te bevatten begrip. Hoeveel tijd heeft een mens, om te genieten van alles dat dierbaar is om hem of haar heen? Men zegt wel eens dat oneindigheid een nauwelijks te bevatten begrip is, maar eindigheid vind ik eigenlijk zo vreselijk veel moeilijker. Wat begeurt er dán? 