

Ik ben misselijk, emotioneel, lichtontvlambaar, moe.
We zagen een kloppend hartje in een heel klein wormpje.
We’ll see..


Ik ben misselijk, emotioneel, lichtontvlambaar, moe.
We zagen een kloppend hartje in een heel klein wormpje.
We’ll see..
Wanneer je jeugdhelden beginnen te overlijden aan ziektes zoals kanker besef je je hoe lang je al naar hun muziek luistert.
RIP AMC, bedankt voor alle moois..








Anders dan vorige jaren ontdekten wij dit jaar bijtijds dat het het komende weekend museumweekend zou zijn. Een uitgelezen kans om eens rond te struinen op plekken waar we anders veels te weinig komen, zeker in eigen stad. Al maanden wilde ik met Stef naar het Kinderboekenmuseum en wanneer je nauwelijks entree hoeft te betalen is het Museon bezoeken met een peuter ook ineens een stuk interessanter.
Zaterdag bezochten we dan ook het kinderboekenmuseum en hadden er, net als Stef, een súpermiddag. Hoewel er, uiteraard, veel dingen boven de pet van een tweejarige gaan was er ruim genoeg voor hem om te doen: met een bij de ingang gekregen polsband met een scan-ietsje erin, de zogenaamde Slurper, kon hij overal in het museum dingetjes zoeken om te scannen. Er waren heuse holografische beelden, de speciale kikker-tentoonstelling voor de kleintjes (met trampoline!) vond hij fantastisch.. Maar het állermooist vond hij uiteindelijk het introductiefilmpje van de Slurper, waarin het verhaal erachter werd uitgelegd. In een toren gemaakt van boeken. Met knalrode wangen van vermoeidheid liet Stef zich aan het eind van de middag gewillig naar de fiets terug begeleiden.
Zondag dus het Museon, een museum dat in mijn beleving toch meer voor wat oudere kinderen interessant is. Niets is minder waar, ookal betwijfel ik of onze peuter er ook maar iets van op heeft gestoken. Maar een museum vol doe-dingen is klaarblijkelijk minder leeftijdsgebonden als ik dacht: ronddraaiende ambulances met sirenes, overal knopjes om op te drukken, molens, vulkanen die je kunt laten uitbarsten, raketten, opgezette cavia’s (“tatte Lynn!”*) en andere beesten, fatboys om je met een aanloopje op/in te storten, overal dingen waar je op kunt klimmen en genoeg ruimte om te rennen. Geweldig! Hij vond het potvissenskelet bij de inging machtig mooi (“RAAAHHH!”, al wijzend naar de bek vol tanden) en vervolgens waren ook het giraffenskelet en het dinosaurusskelet “VIS!”. Dat wij zo rond kwart over vier weggingen om nog even een boodschap te kunnen doen was niet bepaald wat ons kleine manneke in gedachten had: ruim een kwartier waren we bezig een telkens weer wegrennend klein jongetje in zijn jas te krijgen en te houden, naar de uitgang te krijgen en al krijsende, schoppend en slaand onder ons arm mee te tillen naar buiten.
Maar het was leuk, dus. Ook met kleine kindertjes erbij is een museum prima te doen!
*: Stef’s tante Lynn heeft er 3 en klaarblijkelijk is de associatie groot
“Mama tillen?”
Twee uitgestrekte armpjes.
Normaal zou ik hem proberen te overtuigen van de noodzaak zelf te lopen, maar we waren laat en ik had haast.
“Deze ene keer dan” zei ik.
Op de trap, halverwege, twee heldere ogen die de mijne zoeken.
“Mama, jij isse zooo lief!”
Een dikke knuffel erachteraan.
Ik kon wel janken.
Informatie verstrekken ‘on a need-to-know-basis’ is waarlijk van levensbelang wanneer je een geheim wil bewaren. Van levensbelang, maar ook belachelijk moeilijk. De afgelopen maanden heb ik een vreemdsoortig respect voor mensen met een dubbelleven gekregen: het is niet voor niks dat die mensen vaak hoog-intelligent zijn. Ik trainde mij in het verzwijgen van de meest uiteenlopende feiten voor mijn lief. Zoals de nieuwe baan van onze zwager Alain, want hoe waarschijnlijk is het dat ik die zómaar ineens, zonder reden, zou hebben gesproken? Of dat ik wekenlang moest doen alsof ik geen idéé had over welke ‘Anne’ Paul sprak (hij heeft 2 collega’s met deze naam), terwijl ik dit prima wist omdat ik één van hen meerdere malen had gesproken, zowel per mail als per telefoon. Geld wegsluizen zonder dat hij het door zou hebben, afspraken maken met een vriend van ons zonder bij uiteenlopende onderwerpen te roepen “Ohja, want Job zei nog…” want Job spreken we nu eenmaal niet zo vaak meer sins hij in Berlijn woont.
Want Paul is bijna jarig, en we hebben de afgelopen periode zoveel op ons bord gekregen dat ik het hoog tijd vond om erop uit te gaan te gaan, ergens anders de ontspanning op te zoeken. Zonder dat mijn liefste lief het dus wist boekte ik ons twee retour-tickets naar Berlijn, regelde ik een appartement in het oosten van de stad, sprak ik af met Alain, de Berlijn-kenner en Job, onze transfer-met-champagne.
Vorige week vrijdag, toen we wakker werden, zei ik Paul dat ik zin had om weg te gaan. Gewoon, zomaar ineens, de boel de boel laten, in de auto stappen en weg te rijden. Ik vroeg hem of hij met me mee zou gaan en hij zei ja.
Het duurde alleen nog een minuut of 20 voor hij me ook geloofde
Ons appartement (op de foto de middelste)
Wij verbleven om de hoek van het computerspelletjesmuseum en ik denk dat de directeur hier woonde..
Die mauer
Wij hadden het nog nooit eerder gezien: hangsloten aan bruggen
Een treffender symboliek zag ik zelden: het holocaust-monument. Een monument van niet te bevatten omvang, je loopt de diepte in en zinkt erin onder
Onze laatste avond bezochten wij, voor we picknickten in het park met Job, zijn man en een vriend van hen, de Sovjet-begraafplaats. Eén van de indrukwekkendste dingen die ik deze reis zag.
Op weg terug naar het vliegveld bekeken we de Reichstag nog eens van dichtbij en sloten zo onze wonderlijke reis af
Slenteren door een historie zo rijk, dat we terug zijn gekomen met behoefte aan meer: Berlijn is zo oneindig groot en mooi dat we ter plaatse besloten onze zomervakantie ook in Oost-Duitsland, in de buurt van Berlijn door te gaan brengen. We zagen de meest uiteenlopende zaken, van De Muur tot het Stasi-museum en van amerikaans aandoende shopping-malls tot monumenten die ons diep in onze ziel raakten. Elke avond spraken we af met onze vriend Job, ontmoetten eindelijk zijn man en ook nog eens een vriend van hen, picknickten in het park, dronken wijn en bier in een kroegje met roze bont aan alle muren. Het weer was waanzinnig mooi, het eten was goed, we hebben ervan genoten. Stef, op zijn beurt, genoot van zijn quality-time met opa en oma in Lelystad. Maandagavond arriveerden we op schiphol, dinsdagochtend werden we wakker in ons logeerbed van de spel-geluiden van onze zoon.
We voelen ons opgeladen en zen. Berlijn is een bijzondere stad.
In niets was zo duidelijk dat onze verhuizing een goede keuze was als in de gezondheid van onze katten. Toen wij verhuisden waren Loki en Max kleine, harige wrakjes, meer ziek dan beter. Elke dag twee keer preventief medicijnen geven aan allebei de katten, minstens één keer per maand de spoeddienst van de dierenarts bezoeken, als we pech hadden een opname, een catheterisatie of allebei. Ze hadden pijn en je zag het aan hen, ze waren ongelukkig en straalden dat uit. De verhuizing zelf ging ze goed af, mijn katten bleken wederom bikkels te zijn. Drie weken lang lieten we alles zoals het was en begonnen toen -met angst en beven- op advies van de dierenarts met het afbouwen van de preventieve medicijnen.
Ze zijn niet één keer ziek geweest.
Een paar maanden na onze verhuizing zei ik tegen Paul dat ik niet goed begreep wat ik vergat te betalen, want er ging iets niet helemaal goed. We waren duurder gaan wonen, maar ik merkte er niks van, de strakkere broekriem die ik verwacht had bleef volledig uit. Tot ik op een avond een helder ogenblik kreeg en uitrekende hoeveel de dierenarts ons maandelijks had gekost voor we verhuisden. We hielden zelfs over, met deze nieuwe hypotheek.
Bij een gebitsreiniging lieten we ook bloed prikken bij Loki en Beertje (Max heeft nooit gebitsproblemen) en daaruit kwam dat Loki verhoogde nierwaarden had. Over een half jaar de urine checken, spraken we af. Dat was vorige week. We werden teruggebeld over een nierdieet voor Loki omdat zijn nierwaarden nog steeds niet goed waren. Omdat hij rauw vlees eet hoeft dat uiteindelijk (nog?) niet, maar van dit gesprek ben ik erg geschrokken. Pas toen de assistente het over ‘beginnend nierfalen’ had begreep ik wat ‘verhoogde nierwaarden’ éigenlijk betekenen en ik ben zo vreselijk bezorgd..
‘Beginnend nierfalen’ ligt elke avond, als Stef naar bed is, bij mij op schoot te knorren en ik kan gewoon niet geloven dat hij eigenlijk gewoon weer heel ziek aan het worden is, al is dit sluipender, en al is dit in een vroeg stadium ontdekt waardoor we hem waarschijnlijk prima kunnen (laten) helpen. Want hij is ook al 10.. Mijn lieve rode <3
In 2005 gingen Paul en ik op vakantie in Ontario – Canada en trokken er wat rond met onze huurauto en tent. Deze vakantie heeft voor mij de meest fantastische herinneringen: dit was zonder meer mijn mooiste vakantie ooit. De Niagara-Falls bekijken, kamperen in het desolate Algonquin Park, met de zon mee opstaan en naar bed gaan, veel wandelen, wilde dieren zien, drie kilometer moeten rijden voor de dichtstbijzijnde telefooncel.. Magisch was het, van begin tot eind.
Op weg terug naar het vliegveld vanuit Algonquin moesten wij een stop maken, omdat we Bagels mee naar huis wilden nemen om in te vriezen, wat wilden eten en omdat ik antihistamine moest hebben voor een allergische reactie op een muggenbeet. De mall waar we stopten had ook een boekenwinkel en als ik in Amerika ben kan ik gewoonweg geen boekenwinkel voorbij lopen*, dus daar moesten we in.
Ik vond al snel een boek dat mijn interesse wekte: Wicked, van Gregory Maguire. Dit boek ging dan ook mee naar huis en nadat ik het las is het altijd op mijn plankje ‘mooie boeken’ blijven staan.
Een tijdje geleden kwam ik ineens posters tegen. Heel groot ‘WICKED’ erop. Zegt op zich niks, maar de groene en de witte heks op de poster deden me toch wel opveren. Ging dit over mijn boek? Nader onderzoek leerde me dat dat boek dat ik in Canada kocht inmiddels was bewerkt tot een musical. Niet mijn ding hoor, musicals, maar toch wel grappig dat een boek dat ik al 6 jaar geleden uit een winkel plukte nu ineens een immens populair verhaal bleek te zijn. “Als-als-áls ik ooit nog eens naar een musical zou gaan, dan zou het deze zijn.” Zei ik nog tegen mezelf.
Dus ja, wat doe je dan, als je van je werkgever een email krijgt dat er in het Circustheater een voorstelling gegeven wordt, speciaal voor alle mederwerkers en hun introducée’s? Zo kon het dus dat ik gisteren met mijn vriendin Eefke naar Scheveningen fietste. We waren er een beetje lacherig over, want wij zijn nu niet bepaald musical-types, op z’n zachtst gezegd. De twee metalheads die naar Wicked gingen, zeg maar. Ik verwachtte eigenlijk dat ik binnen het kwartier wel gillend de zaal uit zou rennen, maar niets was minder waar: we vonden het allebei geweldig! Prachtige decors en kostuums, een verhaal dat mij dus erg aanspreekt en met humor werd gebracht, grime waar ik toch even wat beter naar wilde kijken (hetgeen gemakkelijk kon, omdat we op de 10e rij van voren zaten). De stemmen van de acteurs waren zonder uitzondering prachtig, maar ik was werkelijk enórm onder de indruk van de mevrouw die the Wicked Witch of the West speelde (excuus, ik heb geen idee wie die mensen allemaal zijn). Bijzonder om mee te maken!
Natuurlijk zijn er ook wat minpunten te noemen, zoals de verzengende hitte in de zaal, het feit dat samenzang vrij moeilijk te verstaan is, het geluid dat best wel hard stond (toen ik thuiskwam had ik een lichte hoofdpijn van al die hoge stemmen) en het wat overdreven sentimentele gebeuren aan het eind (ja, sorry, maar ik blijf natuurlijk een manwijf ;)), maar dit alles viel werkelijk in het niet bij de indruk die deze avond op me heeft gemaakt. Een musicalfan zal ik denk ik nooit worden, maar mán, wat ben ik blij dat ik deze wel mee heb kunnen pakken. Aanrader!
*: De boeken zijn er WAY goedkoper dan hier en omdat de winkels giganorm zijn is er zóveel moois te vinden dat we bijna uitsluitend winkelden in boekenwinkels.
Het voelt al sinds eind november alsof we een puzzel aan het maken zijn waarvan er stukjes ontbreken. Het ontbreken van al die stukjes maakt het niet alleen onmogelijk de puzzel af te maken, maar maakt het ook moeilijk de stukjes die we wel hebben op de juiste plek te leggen, want een complete afbeelding heb je niet. Gedurende het verstrijken van de tijd en het verloop van de gebeurtenissen vonden we er telkens wel stukjes bij, waarbij we de afgelopen anderhalve week ineens twee héle belangrijke stukjes hebben gevonden.
Het eerste stukje is de as van Gabriël. Toen hij geboren werd besloten we de crematie via het ziekenhuis te laten verlopen, omdat hij dan samen* met andere kindjes gecremeerd zou worden. De gedachte dat hij gescheiden van ons zijn reis moest vervolgen werd draaglijker als hij niet alleen zou zijn. Aan deze gang van zaken zat echter één nadeel: je hoort pas later wanneer je kind gecremeerd is en het kan wel drie maanden duren eer het gebeurt. Wij namen dit voor lief en hebben hier geen spijt van, maar begonnen toch wel onrustig te worden toen het eenmaal maart werd en we nog altijd niets hadden gehoord. Het zou toch wel goed gaan allemaal? Ze zouden de as toch niet per ongeluk wegdoen, terwijl wij hadden aangegeven dat wij deze graag wilden hebben? De rouwbegeleidster van het ziekenhuis, waar wij op een maandag waren, verbaasde zich enorm: zij was eind januari al gebeld om onze telefoonnummers te controleren. De dame van de uitvaartverzorger die hierover ging was er echter woensdag pas weer, dus hadden wij nog 2 dagen de tijd om tegen het plafond aan te zitten.
Maar het werd woensdag, Paul belde en onze zorgen bleken voor niks. Diezelfde week nog haalden wij de as van onze zoon op; een puzzelstukje erbij.
Het tweede stukje, het verwijderen van de achtergebleven placentarest, vond afgelopen maandag plaats. Ook hier veel opluchting, alles ging goed en de puzzel is nu bijna compleet. De operatie was een fluitje van een cent, ik heb langer op de verkoeverkamer doorgebracht als op de operatiekamer. De algehele narcose was fijn voor de ingreep zelf, maar de nasleep ervan viel mij wat tegen. Ook de napijn had ik iets minder aanwezig verwacht, het is te merken dat ook een kleine ingreep nog best wat nasleep heeft. Maar het is goed zo.
Op de uitgerekende datum zullen wij een groot deel van Gabriëls as verstrooien op ons geliefde strand. Een glazen kraal voor aan mijn ketting, met zijn as erin, wordt op dit moment voor mij gemaakt. Dit zijn onze allerlaatste stukjes, dan is alles compleet. De ingewikkeldste puzzel die ik ooit moest maken, degene die me het meest dierbaar is van allemaal, degene die altijd aan de wand van mijn hart zal blijven hangen, zo lang als ik leef. Het feit dat ‘ie nu bijna compleet is geeft rust.
*: Samen op één moment, maar niet tegelijkertijd.
Ik ben er nog, maar de energie om te bloggen ontbrak me de afgelopen weken even. Aanstaande maandag wordt de achtergebleven placentarest operatief verwijderd, eergisteren haalden we de as van Gabriël op, plannen voor in- en om het huis worden gesmeed, films en series bekeken..
Ik kom wel weer langs, ik heb veel te vertellen. Maar nu moet het huis even schoon